Recreatief geweld
Afgelopen zaterdagnacht overleed een jongen van 18 jaar in Zutphen na een avondje stappen. Doodgeslagen door een aantal leeftijdsgenoten. Ze hadden eerder die avond ruzie. Naar verluidt gingen het slachtoffer en drie vrienden op de fiets naar huis, waarna de ruziemakers hen met de auto achtervolgden en alsnog verhaal kwamen halen.
De rest van het verhaal is nogal onduidelijk en de politie doet verder geen uitspraken. Werd de jongen doodgeslagen, of vervolgens geraakt door een passerende auto? Wie zat er in die auto? Waar bleven de drie vrienden van het slachtoffer?
Kortom: het gebruikelijke maandagochtendnieuws.
Of toch niet?
Toevallig las ik zaterdag in NRC Handelsblad een stukje van Margriet Oostveen uit de serie 'In Washington'. Zij schrijft daarin over de school van haar kinderen in de suburb Bethesda, net buiten D.C. Het komt regelmatig voor dat de directrice van deze school de pauze afgelast. Reden? Te weinig toezicht op het schoolplein.
Er is echter een dieperliggende reden. Volgens de directrice zijn er steeds meer kinderen die zelf niet meer weten hoe ze moeten spelen. In de virtuele wereld van de computerspellen kunnen ze alles, maar in de echte wereld gaan nogal wat kinderen kopje onder op het plein. Kinderen vallen elkaar lastig, omdat wie niet geleerd heeft te spelen, ook niet weet hoe je ruzie maakt: 'Wie opgroeit in een volwassen wereld van winners of losers heeft geen ruzie, maar hoogoplopende conflicten. Die los je niet op, maar vecht je uit tot je wint of verliest'.
Typisch Amerikaanse toestanden?
Blijkbaar niet. Wie naar het gebeuren in Zutphen kijkt, ziet daarin een replica van wat Margriet Oostveen beschrijft op het schoolplein van haar kinderen. Het is ook niet zomaar een incident, maar een voorbeeld uit een lange reeks maandagochtendberichten. Voor Zutphen kunnen we iedere willekeurige plaatsnaam invullen. Het is geen typisch probleem waar de grote steden alleenrecht op hebben.
Overal kunnen ruzies escaleren in hoogoplopende conflicten.
Vroeger heette dit 'zinloos geweld'. Ik hoor die term opvallend weinig meer. Is dat omdat de aard van het geweld is veranderd, of omdat de vlag de lading niet meer dekt? Zinloos geweld ontstond als je aan iemand die bijvoorbeeld stond te urineren in je brievenbus vroeg of hij dat thuis ook deed? De aangesprokene, net bezig met de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie, kon daarop reageren door meteen te gaan slaan en als je pech had, kreeg hij, al doende, de smaak te pakken en daarmee de onbedwingbare neiging om door te blijven slaan. Met alle gevolgen van dien.
Vandaar de omzichtigheid waarmee we vreemden zijn gaan benaderen in de openbare ruimte.
Het lijkt er echter op dat de impulsieve, blinde woede heeft plaatsgemaakt voor iets anders. Bij gebrek aan beter noem ik het beredeneerde woede. De escalatie vindt niet direct plaats na de vermeende belediging, maar later. De ingelaste pauze dient niet om de gemoederen tot bedaren te brengen (even diep ademhalen en tot tien tellen), maar om deze tot een kookpunt te brengen, waarna er nog maar één uitweg is: vergelding als apotheose van een avondje stappen.
Als je het heel cynisch bekijkt zou je kunnen zeggen dat deze vorm van geweld niet zinloos, maar recreatief is…
| < Vorige | Volgende > |
|---|

