Verzameldrift
‘’Opruimen is weggooien!’’, roep ik. We zijn aan het verhuizen, mijn vriend en ik. Kordaat stap ik door het bijna lege appartement en wijs op de laatste spullen die naar mijn idee weg kunnen en rijp zijn voor het oud vuil. Dat zijn toevallig allemaal spullen van mijn vriend. Als reactie stort hij zich paniekerig op zijn berg met tijdschriften, als een moederkloek over haar jongen. Hij wil ze allemaal bewaren. En ze moeten allemaal mee naar het nieuwe huis. Onder zijn arm heeft hij een doos met oude koffiemokken geklemd, die hij uit de vuilnisbak heeft gered. Alsof zijn leven hem lief is beschermt hij zijn spulletjes, of ze nou versleten, onbruikbaar en stuk zijn of niet.
Tijdens de verhuizing vraag ik mij af waarom mijn vriend niks weg kan gooien. En of mannen soms in het algemeen moeite hebben met dingen weggooien? Meerdere vriendinnen klagen over de oude inboedel van hun vriend of man. Vriendin B moest zelfs een heel museum van plastic flessen en bekertjes met emotionele waarde meeverhuizen. En mijn moeder mag ook niks weggooien van mijn vader. Is dit verzamelgedrag man- eigen? Of zijn er andere oorzaken en mag ik niet stereotyperen?
Zoals het een ijverige psycholoog betaamt ga ik op onderzoek uit om een verklaring voor dit gedrag te vinden. Om te snappen waarom mannen niks weggooien, gebruik ik de cognitieve gedragstherapie en zoek ik naar de betekenis die mannen verlenen aan het fenomeen weggooien.
Immers, Pavlovs hond vertoonde het gedrag kwijlen, bij het rinkelen van een belletje, de stimulus. Dit snappen we pas, als we inzien dat er tussen het belletje en het kwijlen, een associatie is aangeleerd; belletje betekent eten.
Om te snappen waarom een man met verzamelgedrag reageert op de stimulus ‘wegdoen van oude spullen’’ (‘Lieverd, ik gooi deze oude trui met gaten die je nooit aan hebt, weg. Oké?’), willen we weten welke associatie er is gemaakt. Zou het kunnen dat weggooien, verlies van autonomie betekent? Betekent minder spullen, minder mannelijkheid? Of betekent spullen weggooien, ook herinneringen wegdoen?
Bij navraag blijken bovenstaande verklaringen niet op te gaan. Zij willen best wat weggooien, zeker als iets niet meer bruikbaar is, maar het hangt af van de manier waarop dit hen wordt gevraagd. Aan het weggooien an sich zit dus geen bepaalde associatie verbonden.
Maar de conditie waarbinnen de stimulus optreedt is verantwoordelijk voor de optredende verzameldrift. Dit wordt binnen de cognitieve gedragstherapie de discriminatieve stimulus genoemd en in mijn geval ben ik zelf de discriminitieve stimulus! De driftig en dominant schoonmakende vriendin, druk uitoefenend op haar arme vriendje, zijn bezittingen onder hem vandaan trekkend. Het is mijn eigen opruim- en weggooidrang, die zorgt dat hij juist alles bewaart!
Het is dus ook mijn eigen gedrag waar ik eens een analyse op los zou moeten laten. Waarom gooi ik alles weg? Verbeter de wereld, begin bij je zelf!
Ik weet in ieder geval dat ik bij de volgende verhuizing op een andere manier mijn vriend zal aansporen onze inboedel wat te doen slinken. Lang van te voren vragen en vooral geen druk uitoefenen.
Of ik pas de oude spullen verdwijn- truc toe, die vriendin B met de museumvriend mij toevertrouwde. Op een geheime plek bewaar je een vuilniszak waar je af en toe wat oude spullen in sluist. Wanneer hij na een half jaar nog niet naar die spullen gezocht of gevraagd had, mist hij die spullen klaarblijkelijk ook niet, en kan de gehele vuilniszak dus worden weggegooid! Maar da's gemeen.
{mos_fb_discuss:2}
| < Vorige | Volgende > |
|---|

