Stop het piekeren
Elke dag gaan er gemiddeld zo’n 40.000 gedachten door ons hoofd. Zo’n zeventig procent is negatief. Er woedt een continue strijd in ons hoofd. Hoe kunnen we leren om die strijd niet meer aan te gaan?
Zelf ben ik ook een piekeraar. Van hele simpele dingen maak ik de meest ingewikkelde problemen. Of ik iets wel of niet moet doen, of anderen daar geen pijn mee doe. Hoe de toekomst eruit ziet. En net als ik denk dat ik uitgepiekerd ben, vinden mijn gedachten weer een nieuw onderwerp om over te bekvechten.
De oorzaak van piekeren is ‘de heerschappij van ons verstand’. Door veel na te denken proberen we de juiste keuzes te maken, zodat we tegenslagen en teleurstellingen kunnen vermijden. Er speelt zich voortdurend een strijd af in je hoofd. Zal ik wel, zal ik niet... Het nemen van de juiste beslissing lukt daardoor vaak niet.
Gedachten die door je hoofd gaan zijn als het ware stukken verzamelde informatie uit ervaringen die je in het verleden hebt opgedaan. Een toevallige ervaring kan ervoor zorgen dat je gedachten gaat vormen over een onderwerp, en vervolgens gaan die gedachten vanzelf jouw toekomstige keuzes bepalen. Bijvoorbeeld: je bent toevallig getuige van een auto-ongeluk. Je vormt negatieve gedachten over de veiligheid van het verkeer. Daardoor ga je als je in de auto zit extra goed opletten en wordt je bang als er kleine dingetjes mis gaan. Je gaat lange ritten vermijden. Elke keer als het begrip auto opdoemt, wordt een stroom van negatieve gedachten opgewekt. Dit is een typisch voorbeeld van hoe angst kan ontstaan op basis van een toevallige ervaring.
Als je je laat leiden door je verstand, laat je je dus eigenlijk leiden door toevalligheden. Als je veel piekert of als je je vaak angstig voelt, stel jezelf dan de volgende vraag: voel ik me zo rot door de situatie, of word ik in de maling genomen door mijn verstand? Een andere tip is: verwijder het woord ‘maar’ uit je vocabulaire, en vervang het door het woordje ‘en’. Bijvoorbeeld: ‘Ik wil graag naar dat feest vanavond, maar ik ben bang dat ik me dan onzeker ga voelen’. Door het woordje ‘maar’ te gebruiken ga je het gevecht aan met je gedachten. Door dit woordje weg te laten kun je ervaren dat er ook een middenweg is tussen je angsten en verlangens.
Als je naar een feest wilt, en je bent bang dat je je onzeker gaat voelen, waarom zou je dan niet samen met je onzekerheid toch naar dat feest kunnen gaan? De meeste tegenstrijdigheden waar we over piekeren kunnen in de praktijk prima naast elkaar bestaan.
Drs. Gijs Jansen is als psycholoog verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen en geeft trainingen aan particulieren en bedrijven. Hij schreef inmiddels 2 zelfhulpboeken, die tot doel hebben om de heerschappij van ons verstand te verkleinen. Meer informatie is te vinden op: www.denkwatjewilt.nl
| < Vorige | Volgende > |
|---|

