Print
02
nov

Docent stapt van tafel

Geschreven door Gijs Jansen op 02 november 2010.

Een gewone les zoals altijd. Leuk zoals zo vaak. De eerstejaars studenten uit mijn groepen waren de Allerleukste studenten Op Aarde. Inmiddels was ik oud genoeg om steevast een oudere broer-gevoel van hen te krijgen; een soort beschermingsdrang verpakt in verantwoordelijkheidsgevoelens. Als ik ze hoorde praten over vriendjes en feestjes, dan hoopte ik toch vooral dat al die onbekende jongens mijn meisjes geen pijn zouden doen, en geen ruzie zouden maken met mijn jongens.

Het is leuk om dingen te doen die je goed kunt omdat je bij dat soort dingen vaak merkt dat alles vanzelf gaat. Hierdoor hou je aandacht over om er echt van te kunnen genieten. Die dag hadden we het over geheugentechnieken, en hoe je dingen beter kunt onthouden. Één van mijn studenten vroeg of het ook mogelijk was om dingen sneller te kunnen vergeten, en trof daarmee mijn hart. Wat zou het toch mooi zijn om de stilte van pijnloosheid te kunnen ervaren, zonder dat je daarvoor strak van de drugs hoeft te staan.

Ik roep ‘pauze!’ en stap van de tafel waar ik op zat af. Ik stap verkeerd en voel mijn knieschijf schuiven. Ik slaak een kreet, en voel dat het al te laat is. Met mijn knieschijf uit de kom sta ik stijf stil. Ik heb dit eerder meegemaakt en weet dat één verkeerde beweging ervoor kan zorgen dat je je kniebanden afscheurt, en dan ben je bijna een jaar zoet met revalideren. Ik moet stil blijven staan op dat ene been, en rustig blijven, tot de ambulance komt, die inmiddels gebeld wordt door student Tom. Ik zie in mijn pijnpsychose allemaal geschrokken, lieve oogjes om mij heen, en kan niet voorkomen dat ik toch even ontroerd raak. Als Leuke Mensen getuige zijn van iets heel ergs, dan laat het gros zijn Hele Zachte Kant zien.

Pijn. Wat voor pijn? Stel het je voor en je weet het. Je rechter knieschijf zit helemaal rechts van je been, dus waar normaal gesproken een plat stukje zit. Voel maar. Daar ja. Twintig minuten lang, terwijl je op één been staat.

Tom zegt dat ik wel mag schreeuwen hoor, en dat ik zijn hand kapot mag knijpen als ik dat wil, de schat. Twintig minuten lijken uren, tot er een motor van het ziekenhuis aan komt rijden. Als de dokter in kwestie binnen komt lopen vraagt hij droog: ‘Wie kan ik helpen?’ Hij zegt dit terwijl ik kermend word omsingeld door tien van mijn studenten. Ik schiet in de lach, en iedereen lacht mee. Nu een kernbom, terwijl ik nog lach, want ik weet wat er gaat komen. Vroeger zette een arts mijn knie namelijk met een ferme ruk weer recht, wat qua pijngehalte neerkomt op tien keer castratie zonder verdoving. Dat was het dan. We hebben gelachen. We zijn nog niet zo oud. Maar we hebben gehouden van, en hardop gedroomd. Laat mij dan nu maar rustig sterven. Ik heb er vrede mee.

Technieken om dingen sneller weer te kunnen vergeten. Dat ik daar zelf godverdomme nog niet op was gekomen. Ik zeg mijn studenten dat we zo weer gaan beginnen, en dat dit gewoon een onderdeel van de les is. Een demonstratie van goed acteerwerk, meer is het niet. Ik doe dat wel vaker. Dan misleid ik ze met allerlei psychologische oefeningetjes tot ze er ramgek van worden. Nu dachten ze ook gelijk dat het een grap was, wat meer zegt over mij dan over hen.

De dokter heet Eric en helpt me te gaan zitten zonder dat mijn onderbeen er daarbij afvalt. Ik roep dat iedereen zijn cursusboek er verdomme bij moet pakken en dat Eric ondertussen wel even een verbandje aanlegt. Zo gepiept. Maar eigenlijk weet ik zelf al dondersgoed wat er gaat gebeuren. Eric schijnt te snappen dat ik dat zelf ook begrijp, want hij zegt niets, en lacht. Slim motormuisje. Hij vraagt me hoe erg mijn pijn is op een schaal van 1 tot 10. Ik geef 23 als antwoord, wat veel te laag voelt.

Hij legt een infuus aan en mijn hoofd begint direct de polonaise te dansen, zei het in gedachten. ‘Drugs, drugs, drugs!’ roepen de cellen in mijn knie. Mijn neuronen zwaaien met vlaggen genaamd ‘Morfine is ons vriendje!’. Overal in mijn lijf wordt er een zucht van verlichting geslaakt. The legal dealer is in tha house. Ik vraag Eric wat hij allemaal voor lekkers in huis heeft. ‘Ik maak wel een lekker cocktailtje voor je’. Hij zegt het dusdanig rustig en gedecideerd dat ik er spontaan high van wordt. Deze man kent zijn spullen. Ik moet vaker op mijn bek gaan.

Ik kon hem wel zoenen op dat moment.

Of ik dat ook echt gedaan heb weet ik niet meer. Hij laat me een doorzichtig goedje zien, genaamd ‘Ketamine’. ‘Een bijzonder effectief middel’, zegt Eric droog. Ik zet mijn vliegbril alvast op. ‘Het kan zijn dat je even wegvalt en kort gaat hallucineren. Denk dus aan iets leuks, dan zijn de hallucinaties waarschijnlijk ook erg prettig.’

En dus denk ik aan haar, terwijl ik mijn gordel goed vast maak. Twee studenten worden gevraagd te helpen voor als ik bewusteloos raak. I love the smell of ketamine in the morning.

Het eerste moment dat ik me daarna kan herinneren is het vage beeld van Eric, die ik gelijk wil aanvliegen. Ik voel me achterdochtig, kan niet praten en ben ultiem hulpeloos. Langzaam hoor ik Eric zeggen dat ik fout ben gegaan op de ketamine, en dat ik rustig terug moet komen in de werkelijkheid. Als ik op dat moment een geweer had gehad, had ik iedereen in de ruimte zonder te aarzelen afgeschoten.

Maar de knie zit recht. Kennelijk heeft Eric het geflikt om mij in bedwang te houden, terwijl hij mij ook nog op een vreselijk ingewikkelde manier hulp heeft verleend. De ambulance blijkt onderweg. Vier weken gips, drie maanden revalideren. Ik wil het nu al snel weer vergeten.

Ik kijk naar de verschrikte gezichten van mijn studenten, terwijl ik in de ambulance word gehesen. Ketamine kan van het to do drugslijstje af. Met dikke rode strepen.

-Gijs

www.denkwatjewilt.nl

Laatste andere artikelen van deze auteur

Co lumns

  • Als ik gevuld ben met twijfels over wie ik ben, wat ik doe en waar het heen gaat met mijn leven, ga ik altijd aan de Waalkade zitten, bij een ondergaande zon. Nijmegen is wat dat betreft het Barcelona van Nederland. Het natuurschoon dat je hier vindt is dusdanig indrukwekkend dat je niet anders kunt dan je erover verbazen, waardoor…
    Lees meer...
  • Het huis raakte steeds verder leeg. Het verval werd zichtbaar, als een afspiegeling van mijn leven. Twintig jaar bijna woonde ik in dat huis. Mijn vrouw hield van de tuin,  mijn kinderen groeiden er op. Het was een mooi huis, een warm nest voor ons en onze vele gasten die in de loop der jaren hebben gelogeerd bij ons. Uit…
    Lees meer...
  • Altijd was ik al in de veronderstelling dat ik -een twijfelaar bij uitstek- maar eens minder moest gaan twijfelen. Twijfelen zou alleen maar nadelig zijn.. En ja, het is dikwijls vervelend dat je niet gelijk een keus kunt maken: welke kleur rok wordt het dit keer, welk broodje neem ik in de bakker, wat ga ik eten vanavond, wanneer kan…
    Lees meer...

Tref woor den

gijs jansen

Contact

Kenniscentrum Psychologie (KCP)
Voorstraat 437a
Dordrecht 3311 CT
contact@kenniscentrumpsychologie.nl
KvK-nr. 24409026/ BTW-nr. 81.75.63.623.B/
Rabobank 13.17.97.867