De feiten spreken voor zich: over rol en rolverwarring
Vrijdagavond, toen de Goedheiligman het druk had met het bezoeken van brave kindertjes, zette hij een zak vol verrassingen voor de deur. De kleintjes waren verrukt en verbaasd, te klein nog om te begrijpen waar die grote jute zak opeens vandaan kwam, maar groot genoeg om te begrijpen dat de cadeautjes een prettige verrassing inhielden. Met grote spanning en vooral grote verwachtingsvolle ogen werden de pakjes een voor een uitgedeeld. De oh’s en ah’s waren niet van de lucht en blijdschap vulde de hele kamer. Kleindochter Isabelle nam met groot plezier haar pakjes in ontvangst en had ternauwernood tijd het papier eraf te halen om te zien wat er tevoorschijn zou komen. Een uitgelaten vrolijke peuter van drie. Als laatste kreeg zij een “prinsessenjurkje” Dat moest uiteraard direct aangetrokken worden en wonderlijk, zij veranderde opeens in een prinses. Ze sprong en huppelde niet meer, maar schreed door de kamer, sommeerde de volwassenen stil te zijn want “de prinses gaat wat zeggen” Een totale omkering van gedrag, zij “speelde”geen prinses, zij wás een prinses. Zelfs haar snoetje kreeg een uitdrukking die een echte prinses waardig zou zijn. Peuters en kleuters hebben het vermogen een totale ommekeer in hun zijn te bewerkstelligen. Zij “spelen”niet dat ze prinses, of zeerover, of brandweerman zijn, ze “zijn”het!
Ergens onderweg naar de volwassenheid raken wij dat vermogen kwijt en eenmaal volwassen, spelen wij vele rollen. We zijn vader, moeder, werknemer, vriend, een goede buur, consument en soms worden ons rollen “toebedeeld” : slachtoffer of dader van een misdrijf.
Er rent een overvaller door het winkelcentrum, achterna gezeten door beveiligingsmensen. In zijn haast om ongeschonden weg te komen gooit hij zijn buit richting een nietsvermoedende langslopende man die in een reflex de zak opvangt en er beduusd mee in zijn handen staat. De beveiligingsmensen zien man met buit en houden hem aan.
De volgende dag staat in de krant: overvaller met buit opgepakt.
De man wordt aan de politie overgedragen, belandt in een cel en moet praten als Brugman.
Feit is toch dat hij de buit in handen had? Feit is toch dat hij zich ophield in de buurt van het plaats delict? Dan is het ook een feit dat hij de dader is.
De man is onschuldig. Omstanders die de krant gelezen hebben meldden zich als getuigen. Dat pleit voor de man en hij wordt weer vrij gelaten. Dan meldt de krant de volgende dag de vergissing. Maar het kwaad is geschied: de man is geschonden in zijn privacy want naam, woonplaats beroep etc stond wél in de krant en hij werd door velen herkend. En hij zát tenslotte een dag in de cel. Praat je daar maar eens uit: waar rook is, is vuur. Er zijn altijd lieden die twijfelen aan de oprechtheid van de mens en er de voorkeur aan geven de krant te geloven. Rol en rolverwarring, uitvergroot door de journalistiek. Die wel wat lessen in ethiek en integriteit kunnen gebruiken.
En dat is een feit.
{mos_fb_discuss:2}
| < Vorige | Volgende > |
|---|

