Print
07
dec

Dagje Jeugdzorg

Geschreven door Gijs Jansen op 07 december 2009.

“Als ik jou de volgende keer weer zie trek ik je kop eraf en krab ik je ogen eruit. En die lelijke pisvlek die me nu met z’n stomme open bek zit aan te kijken moet ook opzouten, begrepen?”

Die lelijke pisvlek was ik dus. Ik mocht een dagje meelopen met de zo vreselijk bekritiseerde garde der Jeugdhulpverleners en stond inderdaad al binnen 3 minuten met open mond te luisteren naar de emmers met bagger die over de hulpverlener in kwestie werden uitgestort. Een moeder die haar kind 2 hoog van het balkon had geflikkerd snapt niet dat dit een reden is voor Bureau Jeugdzorg om een OTS (Onder Toezicht Stelling) in te voeren. Het kind wilde namelijk niet eten en vroeg er dus om, en een pak rammel had eerder al niet geholpen. Bovendien wist de moeder dat het kind veilig in de struiken zou landen, dus het was pure bangmakerij. Een stukje moderne opvoeding dus; een corrigerende tik, meer was het niet.

En al die kut-hulpverleners begrepen daar dus helemaal geen flikker van. Dat de moeder haar kroost juist beschermde tegen de agressieve vader, door hem in het bijzijn van de kinderen drugs te laten gebruiken. Op die manier voorkwam ze dat hij agressief werd en de kinderen als haardblok zou gebruiken. Eigenlijk was er dus geen enkel probleem. “Sowieso zijn alle hulpverleners bij Bureau Jeugdzorg onbetrouwbare kutmensen. Ze denken te weten wat er in een gezin speelt, terwijl ze nooit langskomen. Jij hoort dan één klein lullig dingetje, zoals dat de vader in een trainingskamp van de Taliban heeft gezeten, en daar baseren jullie dan je complete oordeel op. Echt, en dat je zo rustig zit te knikken ook nog. Stomme arrogante trut.”

Ik zie hoe de hulpverlener blijft luisteren, en hoe ze vervolgens in alle rust benoemt dat ze begrijpt dat moeder overstuur is. Het gaat immers wel om haar kind, en dat laat je je niet zomaar afpakken! Natuurlijk word je dan boos en wanhopig, en zeg je heftige dingen. De hulpverlener reageert met oprechte empathie, Jezus Christus het is nog echt oprecht ook.

De moeder kalmeert wat en zegt dat ze op zich wel wil meewerken, als Jeugdzorg maar met z’n poten van haar kinderen afblijft. Het gesprek wordt zowaar constructief, en er worden duidelijke afspraken gemaakt.

Ik kijk naar de hulpverlener alsof ik voor het eerst een pratende engel zie. Daar waar ik in gedachten al honderd keer had teruggescholden en al duizend keer was weggelopen, daar bleef zij zitten. “Waarom in Godsvredestifusnaam?”

Ze lacht, want van haar mag ik kennelijk schelden, wat haar overigens plotklaps dubbel zo aantrekkelijk maakt, maar dit terzijde. “Die kinderen hebben niemand. Als ik niet opkom voor de belangen van dat kind, dan laat ik dat kind in de steek. Ik verdraag die scheldpartijen omdat ik díe kinderen wil helpen die anders aan hun lot zouden worden overgelaten. Omdat de ouders vaak agressief zijn en niet geholpen willen worden, is het heel moeilijk om toch iets voor dat kind te betekenen. Maar als wij niets doen, dan heeft dat kind geen eerlijke kans op een gelukkig leven.”

Voor de tweede keer die dag valt mijn bek open, niet echt aantrekkelijk t.o.v. iemand met wie je eigenlijk nog wel een paar miljoen minuten zou willen praten. Ze pikt het gelukkig, maar ze is gelukkig ook wel wat gewend. Ze doet het werk waarin je het nooit goed kan doen, waarin de werkdruk gelijk staat aan twee fulltime banen, waarin iedereen over je heen valt en waarin je normaal moet reageren op de volslagen debiele en antisociale manier waarop mensen hun kinderen durven op te voeden. Dit alles uit pure liefde voor dat kleine mensje dat door iedereen in de hoek wordt geschopt.

De hulpverleners van Bureau Jeugdzorg vormen een warme deken voor die kinderen die de hulp het hardst nodig hebben, terwijl de armpjes nog te kort zijn om die hulp zelf te komen halen. De hulpverleners worden van alle kanten verguisd, en toch blijven ze die dekens uitdelen, omdat ze willen spreken namens het kind, wiens stem nog niet serieus genoeg wordt genomen. Iedere gezinsvoogd moet met terugwerkende kracht 14 lintjes krijgen en iedere dag van de week helemaal sufgeknuffeld worden. Wie dat moet gaan doen? Ik begin alvast.

-Gijs

www.denkwatjewilt.nl

Laatste andere artikelen van deze auteur

Co lumns

  • Gedurende een dag slaan we talloze (en overwegend triviale) herinneringen op. Dat gaat vanzelf. Als we daar verder niets mee doen verdampen ze gewoon als water in de woestijn. Soms is het echter nodig om een deel van deze herinneringen op te roepen. 
    Hoeveel weten we dan nog?
    Deze vraag werd actueel toen mijn dochter onlangs een…
    Lees meer...
  • Waar zal ik mijn eerste column eens over laten gaan?
    Weet je wat ik begin gewoon met me voor te stellen en te vertellen wat ik voor werk doe. Altijd de eerste stap bij het begin van een vaardigheidstrainingen een kennismakingsrondje.
    Ik ben Emmylou den Ouden, ik ben 28 jaar, ik heb geestelijke gezondheidskunde gestudeerd en werk momenteel…
    Lees meer...
  • Wat is veiligheid. Voor iedereen zal veilig iets anders inhouden. In mijn kennisenkring zijn er heel veel mensen die voor geen goud met mij willen ruilen. Ze moeten er niet aan denken om heel de dag te moeten werken met gevaarlijke mensen. De mensen met wie ik werk, die zouden ze maar gewoon levenslang op moeten sluiten. De deur op…
    Lees meer...

Tref woor den

jeugdzorg

Contact

Kenniscentrum Psychologie (KCP)
Voorstraat 437a
Dordrecht 3311 CT
contact@kenniscentrumpsychologie.nl
KvK-nr. 24409026/ BTW-nr. 81.75.63.623.B/
Rabobank 13.17.97.867